Jarig op werelddierendag
Ik ben geboren op 4 oktober.
De eerste keer dat ik me echt bewust werd van deze bijzondere dag was op de kleuterschool.
Ik zat op een katholieke nonnenschool en dus werd steevast op 4 oktober het verhaal van de heilige Franciscus aan ons ukkepukken voorgelezen.
Als goed opgevoed katholiek kind van 4 jaar oud, was ik er, nadat ik voor het eerst het verhaal had gehoord, van overtuigd dat ik was uitverkoren om met de dieren te praten. Vanwege mijn verjaardag op 4 oktober, dat schiep een band met Franciscus vond ik.
Het enige dier in mijn omgeving waarmee ik redelijk vaak te maken had, was de hond van mijn tante.
Ik kletste heel wat af met hem, want hij praatte ook altijd terug.
Net als mijn tante dat altijd deed liet ik hem mijn oor likken en zei dan net als zij altijd zei:”Vertel het dan eens!”
En dan vertelde hij me alles over tulpenbollen die hij had opgegraven en over konijnenholletjes die hij had geroken. Maar vooral vertelde hij me over heerlijke kluifjes. Hele verhalen over heerlijke kluifjes.
Op een andere verjaardag kwam er een nieuw vriendinnetje van me feestvieren.
Zij hadden thuis ook een hond, een boxer.
Van haar kreeg ik die verjaardag een enorme kluif.
Bloederig, vlezig, en vooral enorm. Zo’n kluif waarmee de mensen in de prehistorie hun vijanden de hersens insloegen. Zo’n kluif waarvan ik dacht dat het een dijbeen van een koe moet zijn geweest. Want ze was er speciaal samen met haar moeder voor naar het slachthuis geweest. Enorm dus. Echt iets voor de hond van mijn tante.
|